Zesdejaars op 15 maart in jury van Inktaap

Het juryrapport van de SJB-Inktaaplezers is klaar. Op maandag 14 maart is er de slothappening in Rotterdam. Mijnheer Trimpeneers en Heylen zullen de volgende leerlingen begeleiden: Kaat Schepens, Elise Boons en Jitske Lommelen. Benieuwd of zij net als hun SJB-voorgangers met de uiteindelijke winnaar (net als vorige jaren Stefan Hertmens, 2016 en Ilja Leonard Pfeijffer, 2015) voorspellen.

Juryrapport Inktaap Sint-Jan Berchmanscollege Mol

1) Oorlog en Terpentijn (Stefan Hertmans): 51 punten

Ondanks de misleidende reclamecampagne die – bijvoorbeeld ook al door de titel van het boek – de aandacht te veel op de hype van 100 jaar Grote Oorlog legde, is ‘Oorlog en terpentijn’ een stilistisch meesterwerk. De oorlog mag dan wel een hoofdrolspeler zijn geweest en levenslang blijven nazinderen in het leven van Urbain Martien, grootvader van auteur Stefan Hertmans, echt centraal in dit boek staan de geleidelijke ontrafeling van diens levensverhaal en de artistieke verfijndheid waarmee Hertmans zinnen op het canvas schildert.
Verdeeld in drie luiken (voor, tijdens en na de oorlog) brengt het boek de lezer stap voor stap dichter bij de kern van de gesloten bolster die Urbain Marsjèn gedurende zijn leven was. In het vaak meeslepende en ontroerende, immer met grote zorg geschreven relaas maken we kennis met zijn jeugd in armoede, zijn liefde voor de schilderkunst en zijn vergeefse, nog grotere liefde voor een vrouw die hij nooit huwen zou, zodat hij zijn hart, gebroken, voor de rest van zijn leven in de schilderkunst legde.
Het is de oorlog, die Urbain levenslang zou merken en die we vanop de eerste rij mogen beleven in een boeiend middenstuk, dat voor een aangename en gepaste stijlbreuk zorgt. We worden mijmerend over de vele, uitvoerig beschreven taferelen in het eerste deel midden in de actie geslingerd, geen tijd om stil te staan, en weer terug, geforceerd om dezelfde verandering als Urbain te moeten ondergaan, delend in zijn lief en leed.
Een met genot gelezen stuk proza, even ontroerend als beklijvend, dat het verleden weer even tot leven brengt.

 

2) Ik kom terug (Adriaan van Dis): 43 punten

Een hoogbejaarde moeder vraagt haar zoon om hulp bij het beëindigen van haar leven. Van ‘ver van mijn bed’ gesproken! Het is dan ook niet evident om je als jonge lezer te identificeren met de verteller van ‘Ik kom terug’. De auteur, Adriaan Van Dis, krijgt dat echter voor mekaar door het intrigerende thema (wie gebruikt wie?), de levendige gebeurtenissen en zeker ook door het taalgebruik. Heel af en toe vervalt de auteur in langdradigheid, maar meestal hanteert hij een dynamische schrijfstijl. Het boek lijkt op het eerste gezicht niet echt gestructureerd, maar stap voor stap leren we de moederfiguur kennen. Dat geldt eigenlijk trouwens ook voor de zoon, de verteller. De spanningsboog (hoe gaat die zoon om met het doodsverlangen van zijn moeder?) houdt stand tot het einde.

 

3) Vervoering (Shantie Singh): 36 punten

‘Vervoering’ is een familie-epos dat een viertal generaties overspant. Het duurt even eer je als lezer ‘in het verhaal zit’, maar naarmate je verder leest, raak je meer geïntrigeerd. De jongere generaties lijken een interessanter leven te leiden dan de oudere. Omdat dit boek zo’n lange periode omvat, moet je af en toe even terugbladeren om de draad niet te verliezen. Spijtig genoeg moet je ook geregeld verder bladeren: het verhaal is immers doorspekt met inlandse termen die pas op het einde van het boek in een alfabetische woordenlijst worden verklaard. Na verloop van tijd probeer je dan ook gewoon de betekenis uit de context af te leiden, omdat het opzoekwerk het ritme uit het verhaal haalt. Dat wil niet zeggen dat dit een slecht boek is. De sprekende voorwerpen, de verrassende gebeurtenissen en vooral het feit dat dit nog eens een boek is met een echt verhaal, zorgen ervoor dat de leeservaring al bij al redelijk positief is.

 

4) Orgelman (Mark Schaevers): 14 punten

In ‘Orgelman’ schetst Mark Schaevers het leven van Felix Nussbaum, een Joods schilder die een groot deel van zijn leven in ons land doorbracht. Uiteindelijk wordt ook hij één van de miljoenen slachtoffers van de concentratiekampen. Deze biografie is uiteraard minder literair dan de andere genomineerde boeken en dat maakt een vergelijking niet zo evident. Het doet meer denken aan een ‘eindwerk’, een doctoraatsthesis, een onderzoeksopdracht… Het boek is dan ook vrij ‘droog’ geschreven (hoewel het verlucht is met heel wat afbeeldingen van Nussbaums schilderijen) en het heeft zeker niet de adolescent als doelpubliek, zodat het moeilijk is voor de jonge lezer om zich te identificeren met het hoofdpersonage. Het is echter zeker de moeite waard als je geïnteresseerd bent in kunst en geschiedenis.